Bijpraten

 

Dag kleintje,
Ik voel weer even de behoefte met je te praten.
Want ik denk weer veel aan je, de laatste tijd.
Het is een spannende tijd.
Omdat ik opnieuw ga proberen zwanger te worden.
Een nieuw kindje te maken,
een broertje of zusje van jou.
Een kindje dat hopelijk bij me blijft.

Ik ben opgewonden, heb er zin in.
Ik kijk uit naar weer zwanger zijn,
naar nieuw leven.
En het raakt me.
Het raakt aan jou.
Aan hoe je ging.
En aan hoe je altijd bij me zult zijn.

Want dat ben je kleintje.
Je bent nog bij me.
Je zit alleen een verdieping hoger.
Van mijn buik naar mijn hart.
Daar heb je je plekje.
Daar zit je goed.
En in mijn buik is weer ruimte voor nieuw leven.

Ik wil er graag een goede overgang van maken.
Klaar zijn voor een nieuwe zwangerschap.
Mijn baarmoeder daar klaar voor laten zijn.
Niet meer in beslag genomen
door het leven dat er kwam en ging.
Klaar voor de nieuwe start.
En daarbij hoor jij ook, bij die goede overgang.
Niet door goed te voelen dat je niet meer in mijn buik zit.
Maar door goed te voelen dat je in mijn hart zit.
En dat ik je heb laten gaan in liefde.
Laten gaan, zodat we beide verder kunnen.

Ik ben benieuwd hoe het nu zal gaan.
Of ik weer zo snel zwanger zal worden.
Of dat het nu meer pogingen gaat vragen.
Of het een jongetje of een meisje wordt.
Of ik weer op zo’n roze wolk beland.
Of ik dit kindje het leven kan geven.

Ik kijk ernaar uit en sta open voor wat komt.
Liever niet weer zulk verdriet, natuurlijk.
Liever niet weer.
Maar wat er ook gebeurt, ik blijf vertrouwen.
Ons kindje gaat er komen.
Dat voel ik aan alles.
Ons kindje komt er aan.
Het kindje dat zich niet alleen in onze harten,
maar ook in onze armen nestelt,
en op onze schoot.
Het kindje dat ons een gezin maakt.
Jouw broertje of zusje.

Dag lief kleintje,
fijn even met je gepraat te hebben.
Ik zal het nog wel eens vaker doen,
de komende tijd.
Duim je voor ons?
Dag kleintje.

Leave a Reply